Amos Oz, of hoe een havik een duif werd

Amos Oz

Wie iets van het Israëlisch-Palestijns conflict wil begrijpen, kan eigenlijk niet om de hedendaagse Israëlische literatuur heen. De verhalen bieden een context waarin het conflict zich afspeelt. Bovendien laten ze zien hoe menselijk en tegelijk complex de situatie is. Tussen grote namen als David Grossman, Meir Shalev en Shifra Horn, kan Amos Oz wel gezien worden als de nestor.

Als kind wilde Amos Oz geen schrijver worden, maar een boek. In een interview met Inez Polak voor Trouw legt hij uit waarom: ‘Ik wilde als kind een boek worden om veilig te zijn. Ik ben opgegroeid in het Jeruzalem van de jaren veertig waar de lucht stijf stond van de angst en onveiligheid, de angst  voor de holocaust, de angst voor de dreigende oorlog in Jeruzalem zelf. Als ik een boek zou zijn – ergens ver weg in een afgelegen bibliotheek – dan zou dat ene exemplaar bewaard blijven en mij van de ondergang redden.’ Maar Oz werd geen boek, hij werd schrijver. Een wereldberoemd schrijver, die elk jaar genoemd wordt als kanshebber voor de Nobelprijs voor de Literatuur.

Immigranten

Als in 2003 de autobiografische roman ‘Een verhaal van liefde en duisternis’ verschijnt, vallen voor de trouwe Oz-lezers veel dingen op hun plaats. Personages uit eerdere boeken blijken gebaseerd op mensen die in zijn jeugd een belangrijke rol speelden. In het boek vertelt Oz over zijn ouders, voorouders en zijn jeugdjaren. Hij groeit op in een rechts milieu van intellectuelen, in de sfeer van de zogenaamde ‘haviken’. Geharde zionisten als Menachem Begin en Ze’ev Jabotinsky zijn de grote voorbeelden. Van kibboetsniks moet men niets hebben. Dat zijn communisten, vriendjes van de arabieren. Met zijn ouders woont hij in de jaren ’40 in een veel te kleine kelderwoning in de wijk Kerem Avraham. Als immigranten uit Oost-Europa, op de vlucht voor de pogroms en anti-Joodse-maatregelen, hebben ze zich hoopvol in Palestina gevestigd. Maar het toenmalige Palestina is overspoeld met intellectuelen uit Oost-Europa. Er is weinig werk en weinig inkomen. Aan de universiteit moet Amos’ vader genoegen nemen met een baan als bibliothecaris. Bovendien gooit de onafhankelijkheidsoorlog van 1948 en de belegering van Jeruzalem roet in het eten. Amos’ moeder lijdt in toenemende mate aan depressies en stapt in 1951 zelf uit het leven. Man en zoon blijven boos en verbitterd achter.

Gebruinde pionier

Een paar jaar na de dramatische zelfmoord van zijn moeder, ontvlucht de dan 15-jarige Amos het ouderlijk huis. Hij wil boer worden in de kibboets, een nieuwe versie van de ideale Jood. Geen bleke oost-europese boekenwurm zoals zijn vader en zijn ooms, maar een door de zon gebruinde pionier die met zijn eigen handen de nieuwe staat opbouwt. Tot dan toe heeft hij Klausner geheten, maar de overstap naar zijn nieuwe leven als ‘duif’ markeert hij met zijn nieuwe achternaam Oz, hebreeuws voor ‘kracht’. Maar Oz’ talenten blijken toch vooral op literair gebied te liggen. De kibboets stuurt hem al snel naar de universiteit om literatuur en filosofie te studeren en op 22-jarige leeftijd verschijnt zijn eerste boek, de verhalenbundel ‘Waar de jakhalzen huilen’.

Surrealistisch

Sindsdien schrijft Amos Oz met enige regelmaat een roman, in totaal inmiddels 18 stuks. De boeken spelen vrijwel zonder uitzondering in het Israël van de twintigste eeuw. Ze tekenen de sfeer in het land, die bepaald wordt door de voortdurende conflictsituatie. Toch zijn Oz’ verhalen geen statements. Die bewaart hij voor zijn talloze essays die ook door veel buitenlandse kranten worden geplaatst. Zijn verhalen gaan over het kleine, het gewone leven van de enkeling, die vaak met een milde ironie wordt neergezet. Eenvoudige mensen die leven tegen het decor van strijd, verbittering en haat. De verhalenbundel ‘Dorpsleven’, die vorig jaar in Nederland verscheen, is hier een goed voorbeeld van. In het openingsverhaal raken twee mannen in discussie over de verdeling van een erfenis. Ze komen er samen niet uit en uitindelijk kruipen ze bij de oude zieke moeder in bed, ieder aan een kant. Een surrealistische ontknoping waar een Israëli geen uitleg bij nodig heeft. Dit gaat over zijn land.

Nobelprijs

Waar Amos’ vader alleen maar van kon dromen, dat realiseert zijn zoon. Hij wordt een succesvol en gelauwerd auteur. Bovendien werkt hij al jaren als hoogleraar literatuurwetenschap aan de universiteit van Bersheva. In de politiek manifesteert Oz zich vooral als een van de oprichters van de beweging ‘Vrede Nu’. Hij is een van de eerste Israëlische denkers die zich uitspreekt voor de twee-statenoplossing, waarbij de Palestijnen een eigen staat zouden krijgen naast Israël. Ook internationaal groeit hij uit tot een autoriteit die zich aan de linkerkant van het politieke spectrum beweegt. Helaas is ook dit jaar de Nobelprijs aan hem voorbij gegaan. Het zou een terechte bekroning van zijn werk zijn geweest.

Arie Kok

Gepubliceerd in Reveil november 2010.

De bekendste vertalingen van boeken van Amos Oz zijn:

– Mijn Michael (1968)

– De heuvel van de boze raad (1976)

– Black box (1987)

– Een vrouw kennen (1989)

– De derde toestand (1990)

– Een verhaal van liefde en duisternis (2005)

– Hoe genees je een fanaticus? (essays, 2007)

– Verzen van het leven en de dood (2007)

– Dorpsleven (2009)

1 reactie

Opgeslagen onder Artikelen, Reveil

Een Reactie op “Amos Oz, of hoe een havik een duif werd

  1. Dit is op Arie Kok – auteur herblogden reageerde:

    Een artikel uit de oude doos, bij het overlijden van een van mijn helden: Amos Oz – 1939-2019.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s